Wet vereenvoudiging Wajong
Slide background

Nederland kent dus drie Wajong-regelingen. Deze Wajong, met drie verschillende regelingen en verschillen in rechten en plichten tussen deze regelingen is erg complex. Daarbij loont werken in sommige gevallen niet altijd; kan werken leiden tot het verlies van het Wajong-recht en kan de Wajong een financiële drempel opwerpen om te gaan studeren.

Om meer eenheid te krijgen in de verschillende Wajong-wetten, en knelpunten weg te nemen is de Wet Vereenvoudiging Wajong per 1 januari 2021 ingegaan. Doel van deze wet is om knelpunten voor re-integratie (dus, werken) weg te nemen en de verschillende regelingen te vereenvoudigen en gelijk te trekken (harmoniseren). Uitgangspunt van de nieuwe wetgeving is dat werken moet worden gestimuleerd en (meer) werken lonend moet zijn.

Deze wet omvat 7 aanpassingen:

  1. Het aanpassen van de inkomensregelingen als iemand gaat werken en naast zijn loon een aanvulling vanuit de Wajong ontvangt.
  2. Versoepelen van de regels voor het herstel van de uitkering als mensen zijn gaan werken en op grond van hun handicap minder kunnen gaan werken of zelfs moeten stoppen met werken. Hun recht op Wajong kan herleven tot zij de AOW-gerechtigde leeftijd bereiken.
  3. Verplichting tot het accepteren van passend werkaanbod wordt geschrapt.
  4. Schrappen studieregeling in de Wajong2010, geen lagere uitkering voor mensen die onderwijs volgen.
  5. Ook in de Wajong2015 mag worden gestudeerd (voorheen mocht dat niet en werd de uitkering geweigerd als je studeerde).
  6. Geen toegang meer tot de oWajong voor mensen die voor 1980 zijn geboren.
  7. Mogelijkheid dat mensen in oWajong net als in de Wajong2010 en Wajong 2015 op eigen verzoek hun uitkering kunnen beëindigen.

Sommige onderdelen spreken voor zich; enkele anderen worden hieronder verder uitgelegd.

 

De inkomensregeling

  • Van elke verdiende euro, behoudt de Wajonger mét arbeidsvermogen 30 cent (en wordt 70 cent verrekend met zijn uitkering); de uitkering is 70% van het WML (wettelijk minimum loon)
  • De Wajonger zónder arbeidsvermogen die toch werkt, houdt van elke verdiende euro 25 cent over (75 cent wordt verrekend met de uitkering, die 75% van het wettelijk minimum loon is)

 

Behoud van recht op Wajong

  • Als iemand met een Wajong2010 geen inkomensondersteuning meer nodig heeft, omdat hij 75% van zijn maatman aan loon verdient kijkt UWV na 5 jaar of de Wajong doorgaat of stopt (was 1 jaar voor Wajong2010 en ook 5 jaar voor oWajong ).
  • Is uw Wajong-uitkering gestopt, en wordt uw gezondheid slechter? Dan kunt u toch een Wajong-uitkering krijgen, totdat u de AOW-leeftijd bereikt. Het maakt dan niet uit door welke klachten dit komt.
  • Een Wajonger houdt Wajongrecht (ook na 5 jaar) bij gebruik van voorzieningen (bijvoorbeeld een regiotaxi, tolk, jobcoach of no-risk polis).

 

Passend werkaanbod

  • Iemand die een re-integratie traject volgt maakt afspraken met het UWV. Het re-integratietraject kan gericht zijn op het opdoen van werkervaring, het volgen van scholing en kan ook gericht zijn op passend werk. In dat geval is de Wajonger verplicht dit passend werkaanbod te accepteren.

 

Studeren met volledig behoud uitkering

  • Iedereen met een Wajong (oWajong, Wajong2010 en Wajong2015) mag studeren met volledig behoud van uitkering.